Home / Vrijplaats / Uitdagend en betekenisvol leren voor meer- en hoogbegaafden / Eindverslag Uitdagend en betekenisvol leren voor meer- en hoogbegaafden

Eindverslag Uitdagend en betekenisvol leren voor meer- en hoogbegaafden

23-08-19 * Heerlen
Bernardinus College en INNOVO

SpringWijs Onderwijs

Een project in Heerlen voor uitdagend onderwijs voor meer- en hoogbegaafde leerlingen in doorlopende leerlijnen PO-VO

projectcoördinatoren:
Huub Beckers (specialist hoogbegaafdheid en leerkracht van de plus-klas BS Windekind) en
Nathalie Crapanzano (coördinator begaafdheid Bernardinuscollege)

 

We hebben in onze carrière vast allemaal wel eens te maken gehad met leerlingen met meer- of hoogbegaafdheid. Een deel van deze leerlinggroep doorloopt de middelbare schooltijd relatief eenvoudig maar presteert in internationaal opzicht onvoldoende. Wij vinden dat ze niet optimaal gebruikmaken van hun kwaliteiten. Je zou kunnen zeggen dat leerlingen dan onderpresteren en de reden hiervan is dat ze een andere leerbehoefte of leerstijl hebben. De meesten zijn top-down-denkers: ze zien relatief snel verbanden en bouwen kennis niet stapsgewijs op.

 

De kenmerken van de meer- of hoogbegaafde leerling herken je misschien wel:
• De leerling heeft een sterke eigen visie,
• De leerling gaat makkelijk over gestelde eisen en verwachtingen heen, trekt zijn eigen plan en verrast ons soms,
• De leerling past zich makkelijk aan de omgeving aan, ontwikkelt hierdoor niet altijd zijn grote potentieel aan specifieke kwaliteiten maar conformeert zich aan ‘voldoende’,
• De leerling is veel of altijd bezig met passies, minder met schoolwerk,
• De leerling heeft een slag te slaan in leervaardigheden omdat het zijn eigen stijl wil aanhouden,
• De leerling is dromerig of afwezig tijdens de les, zit met zijn gedachten een paar stappen verder of is met z’n hoofd bij eigen interesses,
• De leerling heeft een uitgesproken voorkeur voor een bepaald vakgebied, voor andere minder,
• De leerling heeft wisselende prestaties; onverwachte piekmomenten of lage cijfers,
• De leerling is mondeling beter dan schriftelijk.

 

Op dit moment hebben BS Windekind en het Bernardinuscollege vier ontwikkellijnen uitgezet voor meer- en hoogbegaafde leerlingen in het kader van het project SpringWijs Onderwijs:

 

1. Een goede aansluiting van de basisschool naar het voortgezet onderwijs door het ontwikkelen van doorlopende leerlijnen en het maken van afspraken over een overdraagbaar vaardighedenportfolio.

 

2. Een TOP-leerroute (Talent Ontwikkel Plan) waarbij de leerling zijn talenten en kwaliteiten kan gebruiken. De begeleiding van talentontwikkeling zal plaatsvinden door de plus-leerkracht, de vakdocenten, de studiecoach (soort super-mentor) en mogelijk specialisten van binnen en buiten school.

 

3. Een POP-route (Persoonlijk Ontwikkel Plan) waarin de persoonlijke ontwikkeling van de leerling centraal staat. De begeleidingsroute van de meer- en hoogbegaafde leerling wordt door de plus-leerkracht van BS Windekind, de begaafdheidscoördinator en vervolgens de studiecoach op het Bernardinuscollege aangestuurd.

 

4. Het Bernardinuscollege ontwikkelt zich in de regio Parkstad tot expertisecentrum van hoogbegaafdheid en zal in de komende jaren hier een voortrekkersrol in vervullen. De ambitie is om te ontwikkelen tot Begaafdheidsprofielschool binnen drie jaar.

 

Workshops
Afgelopen maanden heeft er op het Bernardinuscollege een tweetal workshop plaatsgevonden voor tien plus-leerlingen uit groep 7/8 van BS Windekind. Han Rutten, gepensioneerd docent Natuurkunde en gepassioneerd acteur, heeft met huis-, tuin- en keukenmiddeltjes allerlei natuurkundige proefjes laten zien waarbij de kinderen zagen dat er van alles (bedoeld) misliep. Dat kon natuurlijk ook niet anders met een ‘verstrooide professor’! Er werden o.a. blikjes, flesjes, touwtjes, elastiekjes, spiegeltjes, limonadesiroop, afwasmiddel en soda gebruikt. De kinderen werden uitgedaagd om mee te denken over waarom dingen werkten, of juist niet. Huiswerk voor de volgende bijeenkomst was om met dezelfde soort middeltjes een nieuwe proef te bedenken waarbij de natuurkundewetten een rol spelen.

Afbeelding1
Afbeelding2

Als voorbereiding op deze kennismaking met het Bernardinuscollege heeft Huub Beckers, leerkracht van de plus-groep, van tevoren het Leerlingprofiel van het Bernardinuscollege met deze kinderen doorgenomen: welke vaardigheden heb je nodig op het VO om succesvol te zijn? Het plan was om deze leerlingen aan de hand van dit Leerlingprofiel en de doorlopen workshops een eerste invulling van hun POP te laten schrijven (zie de opzet onderaan de tekst). Dit deden we in het kader van onze doelstelling om leerlingen doorlopende leerlijnen PO-VO te laten ervaren.

 

De volgende workshops die op het programma stonden waren twee lessen Duits van twee docenten van het Bernardinuscollege. Felix Fregin en Jeffrey Bertram hadden een kleine lessenreeks georganiseerd volgens het principe top-down en rondom het thema ‘dierentuin’. (Hoog)begaafde leerlingen willen vaak graag eerst weten waar ze naar toe werken (top), en welke bouwstenen daarvoor nodig zijn stapelen ze graag zelf met veel autonomie op (down). De kinderen werden meteen in het Duits vertrouwd gemaakt met allerlei instructies en werden gewezen op de juiste Duitse uitspraak. De uitgeprinte of getekende dieren hebben zij op een voor-geschilderde dierentuin geplakt, hierbij was het belangrijk dat zij goed samenwerkten. De dierentuin kreeg de naam: Tier zieht Mensch Zoo. De kinderen hebben uiteindelijk een spreekbeurtje in het Duits gehouden (na slechts twee lessen!) over een dier die in hun dierentuin voorkomt.

 

Hieronder enkele beeldimpressies, gevolgd door een evaluatie van aankomende gymnasiasten Louise en Lenore:

Afbeelding3
Afbeelding4
Afbeelding5

Onderstaand een bijna letterlijke weergave van wat Louise (12 jaar) en Lenore (11 jaar) vertellen over het project Duits en hun feedback-sessie:

Duits was leuk om in een andere taal een dierentuin te ontwerpen. In het Nederlands is het al een lastige opdracht. Dierennamen opzoeken, getallen uitspreken. Een andere taal leren is interessant. Presentatie was goed, en het werd erg goed uitgelegd. Je werd goed geholpen.

Je eigen competenties beoordelen: je weet dan waar je aan moet werken en waar je op moet letten. Omdat je vooraf goed hebt nagedacht kun je in je werk kijken of je het goed gebruikt. Projecten? Meer lessen, het was erg kort. Kleinere opdrachten. Tijd van het jaar was voor groep 8 erg lastig.

 

Uiteindelijk stelt het Bernardinuscollege zich dan ook tot doel dat leerlingen van het PO met een ontwikkelvoorsprong in de toekomst al eerder naar het Bernardinuscollege toe kunnen komen voor lessen of projecten van leerjaar 1-2. Dit verschaft uitdaging en een zinvolle deelname aan het formatieve proces in het VO in de laatste maanden van het PO. Hierdoor zullen meer- en hoogbegaafde leerlingen beter voorbereid en met een meer realistisch beeld gaan deelnemen aan het onderwijs op het Bernardinuscollege. Samen met BS Windekind doorloopt het Bernardinuscollege dan ook de pilots om dit proces goed voor te bereiden om later breder uit te kunnen rollen. Fase twee start met ingang van schooljaar 2019-2020.

 

 

Tenslotte, wat ook helpt bij een soepele overgang PO-VO is het koppelen aan leerlingen uit de bovenbouw zodat ze als tutor-zijnde begeleiding kunnen geven aan hoogbegaafde brugklassers. Er hebben zich in ieder geval een aantal gymnasiasten uit klas 5 (2019-2020) opgegeven om dat proces komend schooljaar in te gaan onder begeleiding van de coördinator begaafdheid.

 

Zie hieronder de opzet van het POP, bedoeld als onderlegger voor het gesprek dat gaandeweg leidt tot inhoudelijke invulling van het portfolio. Klik op de afbeelding om hem groter te maken.